Tuinmuurtje metselen
Steen is en blijft het populairste bouwmateriaal. Een bakstenen muur metselen vergt
wel de nodige voorbereiding en ervaring. Als je nog nooit gemetseld hebt, is een
eenvoudig tuinmuurtje ideaal om de werkwijze onder de knie te krijgen.
Stap 1: fundering gieten
Graaf een geul tot je ‘vaste zand’ bereikt (meestal ongeveer 50cm diep), en dubbel
zo breed als de muur. Steek de geul zo recht mogelijk af en voorzie eventueel een
laag zand (damzand) op de bodem van 15 à 20cm dik voor extra stevigheid. Maak nu
een bekisting met stevige, rechte planken. Zet ze waterpas uit, en ondersteun ze
met piketten. In stevige grond is een bekisting niet noodzakelijk, maar wel aan
te raden, want je verspilt minder beton en voorkomt dat aarde en beton worden gemengd.
Voorzie in de lengterichting 2 betonijzers van 4 of 5mm dik om de fundering te wapenen.
Laat de betonijzers niet op de grond rusten, maar ondersteun ze met bakstenen of
betonbrokjes. Bevestig in de breedterichting om de halve meter korte stukjes betonijzer
op de 2 staven met binddraad. Maak het beton aan, met 1 deel cement op 2 delen grof
zand (bijvoorbeeld rijnzand met een grove korrel) en 3 delen grind. Of gebruik kant-en-klare
beton. Zorg er in ieder geval voor dat je voldoende beton hebt om de fundering volledig
vol te gieten. Stort het beton in de bekisting. Prik met een stok in het beton om
het te ontluchten zodat alle hoeken en gaten van de bekisting goed worden opgevuld.
Als het beton gestort is, sla je met een hamer op de bekisting, om de massa te ontluchten.
Strijk de fundering ten slotte glad met een spaan en laat het beton enkele dagen
uitharden.
|
|
|
Stap 2: metselwerk voorbereiden
Massieve buitenmuren en tuinmuurtjes worden steens opgetrokken. Binnenmuren en spouwmuren
halfsteens. Bereken afhankelijk van het gebruikte baksteenformaat en de afmetingen
van het muurtje hoeveel bakstenen je nodig hebt. Per vierkante meter metselwerk,
gebruik je gemiddeld 20l mortel. Bereid je de mortel zelf meng dan 1 deel cement
met 5 delen zand voor gewoon metselwerk. Voor waterdicht metselwerk kan je nog een
vochtwerend additief toevoegen. Uiteraard vind je mortel ook kant-en-klaar in de
handel. Op de uiteinden van de muur stel je profielen op. Dat kunnen aluminium profielen
of loodrechte balken zijn. Ondersteun elk profiel met 2 schoorlatten, onder een
hoek van 90°.
|
|
|
Stap 3: eerste rij metselen
Bevestig een metselkoord aan de profielen, waterpas en op de hoogte van de eerste
rij stenen. Als de fundering onder het maaivlak (zichtbare gedeelte) ligt, kan je
goedkopere of licht beschadigde stenen gebruiken voor de eerste rij. Breng een laag
mortel (dikker dan de gewenste voegdikte) aan op de fundering en druk de eerste
steen in de mortel. Voorzie de zijkant van de vorige steen van een laag mortel en
tik de volgende baksteen met een troffel op de juiste plaats. Vanuit esthetisch
oogpunt is het vaak beter om de verticale voeg smaller te maken als de horizontale.
|
|
|
Stap 4: volgende lagen metselen
Let er voor de volgende rijen op dat de voegen volgens een regelmatig verband verspringen.
Bij een steense muur plaats je om de rij de eerste steen in dwarsrichting. Voor
een muurtje in halfsteenverband moet je met halve stenen werken. Meestal is het
ook nodig om een waterkeringslaag in de muur te voorzien. Dat kan door een waterkeringsfolie
over de volledige lengte van de muur, en boven het maaiveld, vast te metselen, meestal
tussen de eerste en de tweede rij stenen. Stel je metselkoord steeds af op de nieuwe
rijhoogte en controleer voortdurend of je waterpas werkt. Is er een afwijking, tik
dan tegen de bakstenen met het handvat van je truweel (of met een gummihamer) tot
ze juist liggen, en schraap de overtollige mortel weg, voor hij hard is geworden.
|
|
|
Stap 5: afwerken
Bij tuinmuren is het van belang dat de toplaag waterdicht wordt afgewerkt. Een rij
met gekantelde stenen kan een oplossing zijn, maar je kan ook speciale afdekstenen
gebruiken zoals arduin, blauwe hardsteen of betonnen afdekpannen. Krab na het metselen
de voeg ongeveer 2cm uit met een voegspijker. Doe dit in een V-vorm, zo hecht de
voegmortel straks beter. Borstel het metselwerk nadien schoon. Nadat het metselwerk
volledig is afgerond kan je voegmortel in de voegen aanbrengen. Die mag je zelf
mengen, maar om er zeker van te zijn dat je geen kleurverschillen krijgt, gebruik
je best kant-en-klare voegmortel. Laat de voegmortel even drogen en borstel de muur
goed af.
|
|
|
Deze klus toch liever door een klusser laten uitvoeren? Klik dan hier
|